Bassem Tamimi over zijn dochter

ahed-tamimi2

In 1907 belandde Mahatma Gandhi in een Zuid-Afrikaanse gevangenis. Een jaar eerder had de situatie in Zuid-Afrika hem ertoe gebracht het concept van satyagraha (geweldloos verzet en burgerlijke ongehoorzaamheid) te introduceren. In de gevangenis kwam hij in aanraking met de tekst Civil Disobedience van Henry Thoreau die hem zou blijven inspireren toen hij enkele jaren later terugkeerde naar India (in het Nederlands heeft die tekst voor alle duidelijkheid een aangepaste titel gekregen: De plicht tot burgerlijke ongehoorzaamheid). Ook de gevangenissen in India overleefde hij, totdat hij in 1948 vanwege zijn verzoenende houding met betrekking tot moslims en hindoes, door een extremistische hindoe werd vermoord.

Martin Luther King, een volgeling van Gandhi, werd vaak gearresteerd, maar heeft nooit lang in een gevangenis gezeten. Toch kreeg ook hij inspiratie tijdens een verblijf in de gevangenis van Birmingham in 1963, waar hij in de kantlijn van een binnengesmokkelde krant een korte tekst schreef die een fundamentele ethische kwestie behandelt: een onrechtvaardige wet is geen wet. Zijn Letter from Birmingham Jail bevat deze belangrijke passage:

Men heeft niet alleen een juridische, maar ook een morele verantwoordelijkheid om rechtvaardige wetten te gehoorzamen. Daar staat tegenover dat men een morele verantwoordelijkheid heeft om onrechtvaardige wetten niet te gehoorzamen. Ik onderschrijf de mening van Sint-Augustinus dat “een onrechtvaardige wet helemaal geen wet is”.

Zoals bekend werd Martin Luther King in 1968 vermoord.

Een legendarische voorvechter voor burgerrechten die zijn gevangenschap niet heeft overleefd was Steve Biko. Hij stierf op in 1977 op 30-jarige leeftijd als gevolg van mishandeling in Zuid-Afrika. Hij was een van de velen die in die periode onder verdachte omstandigheden waren overleden, maar zijn naam bleef voortleven als het symbool van verzet tegen onderdrukking. In Europa onder meer door het indrukwekkende lied dat Peter Gabriel enkele jaren later over hem schreef en waarin de hoopvolle regels voorkomen:

You can blow out a candle
But you can’t blow out a fire
Once the flames begin to catch
The wind will blow it higher

En dat brengt ons bij Israël. Israël dat in de jaren zeventig, toen Zuid-Afrika meer en meer geïsoleerd raakte, de banden met het Apartheidsregime juist stevig aanhaalde. Soort zoekt soort.

Gandhi was al 38 toen hij in de gevangenis belandde. Ahed Tamimi is pas 16.

ahed-tamimi1

Vandaag publiceerde de Israëlische krant Haaretz een open brief aan het zionistische Apartheidsregime van haar vader Bassem Tamimi. Een tegenwicht tegen de stroom van lasterlijke van vaak ronduit vunzige artikelen die zijn verschenen in met name joodse publicaties, maar waar onze “kwaliteitskranten” en de NOS geen fatsoenlijk antwoord op bieden. Hier volgen enkele vertaalde passages.

Ook deze nacht, net als alle nachten sinds tientallen soldaten ons huis midden in de nacht binnenvielen, zullen mijn vrouw Nariman, mijn 16-jarige dochter Ahed en haar nicht Nur achter de tralies doorbrengen. Hoewel het de eerste keer is dat Ahed werd gearresteerd, is zij niet onbekend met jullie gevangenissen. Mijn dochter heeft haar hele leven doorgebracht in de zware schaduw van een Israëlische gevangenis – van mijn langdurige hechtenissen gedurende haar kindertijd, via de herhaalde arrestaties van haar moeder, broer en vrienden, tot aan de openlijk-bedekte bedreigingen van jullie soldaten door hun voortdurende aanwezigheid in onze levens. En dus was haar arrestatie een kwestie van tijd. Een onontkoombare tragedie die stond te gebeuren.

 

Mijn dochter is pas zestien. In een andere wereld, in jullie wereld, zou haar leven er compleet anders uitzien. In onze wereld vertegenwoordigt Ahed een nieuwe generatie van jongeren, van jonge vrijheidsstrijders. Deze generatie moet op twee fronten strijden. Aan de ene kant hebben ze uiteraard de plicht om het Israëlische kolonialisme waarin ze geboren werden uit te dagen en te bestrijden tot de dag dat het ineen zal storten. Aan de andere kant hebben ze te maken met de politieke stagnatie en de verwording die bij ons om zich heen gegrepen hebben. Ook die moeten ze standvastig het hoofd bieden. Zij zijn de levende ader die onze revolutie weer zal doen opleven en doen herrijzen uit een dood die het gevolg was van een groeiende cultuur van passiviteit door decennia van politieke stilstand.

Bassem verhaalt over een korte toespraak die Ahed gaf in Zuid-Afrika. Het zijn woorden die een echo zijn van al die toespraken en teksten van bekende mensenrechtenactivisten, maar slechts zelden vind je ze bij zo’n jong meisje. Ze waren daar om een documentaire over hun dorp Nabi Saleh te laten zien. Zeer herkenbaar voor dat publiek, want sommigen hadden na afloop tranen in de ogen. Ahed sprak hen toe:

We zijn misschien slachtoffers van het Israëlische regime, maar we zijn zeer trots op onze keus om voor onze zaak te vechten, ook al zijn we ons pijnlijk bewust van de prijs die daarvoor betaald moet worden. We wisten waartoe deze weg zou leiden, maar onze identiteit als een volk en als individuen is geworteld in deze strijd en vindt daarin haar inspiratie. Behalve van het lijden en de dagelijkse onderdrukking, de gevangenen, de gewonden en de doden, zijn we ons ook bewust van de enorme kracht die we krijgen door deelgenoot te zijn van een verzetsbeweging; de toewijding, de liefde, de schaarse prachtige momenten die er ook zijn wanneer we ervoor kiezen de onzichtbare muren van gelatenheid te slopen.

Ik wil niet gezien worden als een slachtoffer en ik zal hun daden niet de macht geven om te bepalen wie ik ben en wie ik zal zijn. Ik bepaal zelf hoe jullie me zien. Wij willen niet dat jullie ons steunen vanwege wat fotogenieke tranen, maar omdat we voor de strijd gekozen hebben en die strijd is een rechtvaardige. Alleen op die manier zullen onze tranen op een dag niet langer vloeien.

Israël heeft tientallen onrechtvaardige wetten en er komen er steeds meer bij. Zowel de strijd als de behandeling van de Palestijnse kinderen laat zien dat onrechtvaardige wetten geen wetten zijn: het zijn wapens in de handen van de onderdrukker. Tegenover elke kaars die wordt uitgeblazen staat het onblusbare vuur van verzet.

Engelbert Luitsz

Bassem Tamimi: My daughter, these are tears of struggle

3 comments for “Bassem Tamimi over zijn dochter

  1. Herman
    January 1, 2018 at 7:38 am

    Prachtig geschreven Engelbert. Ik ben blij dat je de laatste tijd weer in de pen geklommen bent…!

    Herman

  2. Lieneke
    January 1, 2018 at 12:12 pm

    Een prachtig en bewogen stuk.

  3. Engelbert
    January 1, 2018 at 1:16 pm

    Hartelijk dank, Herman en Lieneke.

Comments are closed.