De Israëlische concentratiekampen

Je kan geen zionist zijn en tegelijkertijd de bezetting bekritiseren, dat is alsof je het beleid in Zuid-Afrika ten tijde van de apartheid bekritiseert zonder dat beleid te linken aan de ideologie van Apartheid!
Historicus Ilan Pappe in een interview met Inge Neefs (*)

Civilian prisoners Ramle July 1948 on way to Labour Camps (1)

Gevangen burgers na de verovering van Lydda en Ramle in juli 1948, die naar werkkampen worden gestuurd. (Foto: Salman Abu Sitta, Palestine Land Society)

De officiële reacties op het nederzettingenbeleid van Israël, maar ook op het buitensporige geweld, beperken zich graag tot die onderdelen, alsof ze geïsoleerd zouden zijn van de achterliggende ideologie waarvan ze de symptomen zijn. Dat is ook de visie van de historicus Ilan Pappe, die blijft hameren op het historische proces dat onlangs heeft geleid tot opnieuw een meedogenloze aanval op de Gazastrook. In Israël zelf werken universiteiten, kranten en allerlei organisaties mee aan de ontkenning van een plan dat ten grondslag ligt aan de voortgaande onderdrukking – en uiteindelijk verdrijving – van de Palestijnen. En dat geldt ook voor het Westen, zegt Pappe:

Veel organisaties in het Westen hebben overigens hetzelfde probleem: ze kaarten enkel de Israëlische bezetting aan van de Westelijke Jordaanoever en Gaza en laten de geschiedenis verder links liggen.

Zoals bekend worden de Palestijnse geschiedenis en het volk zelf ontkend in het officiële zionistische discours. Ze mogen zich ook niet bezighouden met hun eigen geschiedenis. Maar af en toe stuit men bij toeval op nieuwe bewijzen die niets aan duidelijkheid te wensen overlaten, zoals onlangs nog de vondst van massagraven in Jaffa uit 1948.

Werkkampen en concentratiekampen

De vermaarde Palestijnse onderzoeker Salman Abu Sitta heeft zo’n veertig jaar besteed aan het uitzoeken van elk detail van de Palestijnse catastrofe of Nakba van 1948. De aanloop, de verdrijving en verwoestingen van 1948 en de nasleep zijn door hem nauwgezet in kaart gebracht. Hij is onder andere de coördinator van Al-Awda, een organisatie die zich hard maakt voor het recht op terugkeer van Palestijnen naar hun land.

Samen met Terry Rempel, de oprichter van de organisatie BADIL, die zich bezighoudt met de status van Palestijnse burgers in Israël en de rechten van Palestijnse vluchtelingen, heeft Salmam Abu Sitta meer dan tien jaar onderzoek gedaan naar de 22 werk- en concentratiekampen in Israël in de periode 1948-1955.

Hun studie, die binnenkort gepubliceerd zal worden in het gerenommeerde Journal of Palestine Studies, is gebaseerd op een rapport van het Internationale Rode Kruis (ICRC) uit 1948. Het rapport werd lang geheim gehouden en pas in 1996 vrijgegeven. Daarnaast konden ze nog gebruik maken van 22 getuigenissen van burgers die de kampen hadden overleefd.

Het spreekt voor zich dat Palestijnen die zich verdiepen in de geschiedenis van het zionisme niet hoeven te rekenen op medewerking van officiële instanties in Israël. Maar af en toe vindt men toch een document – of een massagraf – waarmee weer een stukje van de puzzel kan worden gelegd. Zoals Abu Sitta zegt:

Hoe meer je graaft, hoe meer misdaden je vindt die hebben plaatsgevonden zonder dat ze zijn gerapporteerd en zonder dat iemand er weet van heeft.

Voordat de staat Israël eenzijdig werd uitgeroepen door Ben-Goerion lag de focus op de verdrijving van de niet-joodse inwoners. Het was van het grootste belang dat er een ruime joodse meerderheid zou zijn, want alleen zo kon men de fictie van een democratische staat ophouden en toch een joodse staat creëren. Maar al snel kwamen er economische motieven om de hoek kijken. De prille staat gebruikte een zeer groot deel van de fitte mannen en vrouwen voor het leger, maar er moest natuurlijk ook gewerkt worden. Vanaf dat moment begon men duizenden Palestijnse mannen in de kracht van hun leven in werkkampen op te sluiten. Dat waren bijna allemaal burgers. Velen werden “met de loop van een geweer in de nek” gedwongen mee te werken aan de opbouw van de Israëlische economie.

De gevangenen werden gedwongen publieke en militaire werken uit te voeren, zoals het droogleggen van moerassen, werken als bedienden, het verzamelen en vervoeren van de gestolen eigendommen van vluchtelingen, het verwijderen van stenen van verwoeste Palestijnse huizen, straten aanleggen, militaire loopgraven aanleggen, doden begraven, en nog veel meer.

Het eerste kamp werd aangelegd op de ruïnes van het Palestijnse dorp Ijlil al-Qibiliyya, dat in april 1948 was verwoest en waarvan de inwoners waren verdreven. Maar al snel bleek dat niet voldoende te zijn, aangezien de zionisten het gebied bleven uitbreiden. Er kwamen nog drie kampen bij en dat waren de vier kampen (van de 22) die door het Rode Kruis waren beschreven. De overige kwamen gedurende jaren van nauwgezet onderzoek boven tafel.

De bewaking en de administratie van de kampen was in handen van voormalige leden van de Irgun en de Stern Gang, zionistische milities die door de Britten al als terroristische organisaties waren bestempeld. Rempel en Abu Sitta kwamen uiteindelijk uit op vijf “officiële kampen” en daarnaast minstens zeventien “onofficiële kampen”. Minstens vier van die kampen bevonden zich buiten de grenzen die in het verdeelplan aan het joodse deel waren toegewezen en een kamp bevond zich zelfs in Jeruzalem.

concentration_camps_israel

Ook toen al maakten de zionisten geen onderscheid tussen (Palestijnse) burgers en (Arabische) soldaten, iedereen tussen de 16 en 55 jaar werd gezien als een strijder en in de kampen als krijgsgevangene opgevoerd. Maar zij waren niet de enige slachtoffers:

… het Rode Kruis ontdekte dat er in de officiële kampen 90 oude mannen waren en 77 jongens van 15 jaar of jonger.

Hele jonge kinderen, zieke mensen met onder andere tuberculose en oude mensen werden gedwongen de winter door te brengen in natte tenten, met alleen wat bladeren, karton en stukken hout. En de zionisten wisten heel goed wat ze deden. Het rapport van het Rode Kruis meldt:

We hebben heel vaak aan de joodse autoriteiten gevraagd om de burgers vrij te laten die ziek zijn en behandeld moeten worden, zodat hun familie voor hen kan zorgen, of dat ze naar een Arabisch ziekenhuis kunnen, maar we kregen geen reactie.

Niet meer dan 15% van de gevangenen zouden daadwerkelijk soldaten van de Arabische landen zijn (geen Palestijnen dus) en zij werden met grote regelmaat doodgeschoten onder het voorwendsel dat ze hadden geprobeerd te ontsnappen.

Een ooggetuige vertelde hoe de inwoners van verscheidene dorpen werden verzameld, waarna er vier jongen mannen werden geëxecuteerd als waarschuwing aan de rest. Vervolgens werden deze mensen gedwongen te voet een lange tocht af te leggen in de brandende hitte en zonder water. Dat verhaal vonden de onderzoekers bevestigd in een rapport van de Verenigde Naties uit eind 1948 waarin wordt gesproken over een gedwongen tocht van 500 Palestijnse mannen naar “een joods concentratiekamp in Nahlal”.

Onlangs nog zagen we hoe joodse inwoners van Israël er een feest van maakten toen het Israëlische leger de weerloze burgers van de Gazastrook bombardeerde. En verschillende recente rapporten over de behandeling van gevangenen (inclusief kinderen) spreken over de vernederingen die de Palestijnen moeten ondergaan. Ook dat is niets nieuws, bijna 70 eerder was het niet anders.

[Joodse] Volwassenen en kinderen kwamen vanuit de nabijgelegen kibboets om ons naakt in rijen te zien staan en ons uit te lachen. Dat was voor ons het meest vernederende.

Mishandeling door bewakers was standaard, men kreeg nauwelijks iets te eten en willekeurig werden er mensen geëxecuteerd, ook iedereen die weigerde te werken werd doodgeschoten.

Pas vanaf eind 1949 werden er mondjesmaat burgers vrijgelaten, onder zware druk van het Rode Kruis, maar deze mensen werden allemaal verdreven, zonder eten, geld of goederen. En het zou nog tot 1955 duren voordat alle burgers waren vrijgelaten.

“Het is verbazingwekkend”, zegt Abu Sitta, “hoe drie jaar na de sluiting van de werkkampen in Duitsland in Israël een werkkamp wordt opgezet met Duitse joden als bewakers, dezelfde mensen die daarvoor gevangenen waren.”

En dat is de reden waarom we ons niet moeten laten verblinden door het beleid van Likoed, de recente pogroms, de extremisten die in Oost-Jeruzalem tekeer gaan en zelfs niet door de erkenning van een Palestijnse staat door Zweden. De kiem van het kwaad dat nu eindelijk meer aandacht krijgt werd meer dan honderd jaar eerder geplant. De Verenigde Naties en de internationale gemeenschap hadden vast moeten houden aan de resolutie uit 1975 die bepaalde dat “zionisme een vorm van racisme en raciale discriminatie” is. Als we het probleem niet bij de wortel aanpakken blijft het dweilen met de kraan open, of bouwen tijdens een bombardement in dit geval.

Engelbert Luitsz

* Ilan Pappe is een Israëlische historicus die Israël is ontvlucht en tegenwoordig doceert aan de Universiteit van Exeter in Engeland. Zijn bekendste boek is The Ethnic Cleansing of Palestine uit 2006. Begin dit jaar verscheen The Idea of Israël. A history of Power and Knowledge, een pessimistische studie waarin hij betoogt dat een verandering niet uit Israël zelf kan komen.

Inge Neefs is een Vlaamse journaliste en schrijfster van het boek Gaza op mijn hoofd.

Bron: Yazan al-Saadi, On Israel’s little-known concentration and labor camps in 1948-1955

6 comments for “De Israëlische concentratiekampen

  1. Aleid Blink
    October 31, 2014 at 5:06 pm

    De uit Al-Tur, plaatsje op de zgn. Olijfberg, man die gisteren of eergisteren binnen het moskeeëngebied boven de Oude Stad van Jeruzalem een extremistische settler zou hebben doodgeschoten en daarom meteen maar de doodstraf kreeg, had 12 jaar in een Israëlische gevangenis gezeten. Hij zal daar niet voor niets hebben gezeten, zullen velen zeggen, maar dat is helemaal niet zeker, want dat is in die staat niet nodig om vastgezet te worden, althans als je een Palestijn bent. Er worden daar nogal eens mensen opgepakt op grond van de vooronderstelling dat ze wel eens een aanslag zouden kunnen beramen. Ze worden vervolgens gemarteld om ze tot een bekentenis te krijgen, en als blijkt dat het niet waar is, worden ze toch tot zoveel jaar gevangenisstraf veroordeeld. De beste provocatie voor een daadwerkelijke aanslag, zou een nadenkend mens weten.

    Wat er tijdens de Nakba is gebeurd, is in de geest van veel mensen in Israël verdonkeremaand. Daarentegen is sinds de jaren zeventig/tachtig de joodse holocaust, waarover daarvoor nauwelijks gesproken werd, als politiek middel in gebruik genomen. Je ziet dat ook hier in Nederland, waar de herinnering daaraan nu vooraan is gezet in de geschiedenis van WO II. Voor de dood van de grote aantallen zigeuners is nauwelijks belangstelling, alsof die niet meetellen. Het past allemaal in het plaatje van de blijkbaar effectieve Israëlische propaganda. Maar die begint gelukkig ook sleets te raken.

  2. likoednederland
    October 31, 2014 at 5:28 pm

    Ilan Pappe heeft zelf toegegeven dat hij leugens verspreid. De waarheid vindt hij onbelangrijk, als extreme communist wil hij alleen een ‘mooi verhaal van de onderdrukking’.
    En wie de propagandaleugens van de Palestijnen nog gelooft, is wel heel erg naief.

    • Aleid Blink
      October 31, 2014 at 7:00 pm

      ln, Leuk, de ene leugenaar verwijt de ander leugenaar te zijn. Het is bekend dat Ilan Pappe door mensen die niet willen weten van de misdaden die tijdens de Nakba zijn gepleegd, van enige onregelmatigheden in zijn boek is beticht. Het is een ingeroeste gewoonte geworden om op deze manier het geweten schoon te wassen. Maar alleen goedgelovigen trappen erin.

  3. Sjouke
    October 31, 2014 at 6:42 pm

    Een goed verhaal. De waarheid wordt natuurlijk ontkend door likoednederland. Dat is niet in hun belang. Zwak verweer:-)

  4. piterfries
    October 31, 2014 at 6:53 pm

    Ik wist hiervan niet, maar het verbaast me niet in het minst.
    Samuel schrijft al in z’n memoires ‘dat het triest zou zijn dat joden in hun ghetto’s niets anders hadden geleerd dan hoe anderen te onderdrukken”.

  5. Bert Erends
    November 2, 2014 at 9:34 pm

    Schokkend.

Comments are closed.