Israëls heilige terrorisme

Israeli-Buffer-Zone

Israël zegt: “We vallen opzettelijk burgers aan.. omdat ze het verdienen“.
Tijdens de aanval deze zomer werd de Gazastrook nog eens flink kleiner gemaakt.

Al voor de staat Israël in mei 1948 eenzijdig werd uitgeroepen door David Ben-Goerion was het duidelijk dat joods terrorisme aan de grondslag lag van deze gebeurtenis. De aanslag op het Koning Davidhotel had al eerder plaatsgevonden, net als het bloedbad in het Palestijnse dorp Deir Yassin. Twee misdaden die tenminste de internationale pers haalden. Ben Hecht, een van de belangrijkste scenarioschrijvers van Hollywood en een fervente zionistische propagandist, zou nog geen jaar na de aanslag op het hotel de joodse terroristen toespreken met:

Elke keer dat jullie een Brits arsenaal opblazen, of een Britse gevangenis verwoesten, of een Britse spoorlijn opblazen, of een Britse bank beroven, of jullie geweren richten op de Britse verraders die jullie thuisland binnenvallen, zullen de Amerikaanse joden een klein feestje vieren in hun hart.

Een toen nog piepjonge Amos Oz, nu de bekendste Israëlische schrijver, droomde ervan Londen te bombarderen. Oz, die zo overtuigd was van het recht van de joden om zich met alle middelen te verzetten tegen hun “onderdrukkers” kan tot op de dag van vandaag niet begrijpen dat de Palestijnen veel meer recht hebben op zelfverdediging. Ook na het vertrek van de Britten probeerden zionisten aanslagen te plegen door middel van bombrieven op Britse politici in Londen.

Later in 1948 werd de Zweedse diplomaat Folke Bernadotte vermoord, waarna diens opvolger Ralph Bunche een rapport liet opstellen over het gedrag van de diverse zionistische milities in Palestina. In december 1948 verscheen een felle aanklacht tegen het zionistische geweld in de New York Times, getekend door een kleine dertig prominente joden, waaronder Hannah Arendt en Albert Einstein. Een jaar later publiceerde de joodse diplomaat Alfred Lilienthal een artikel in de Reader’s Digest waarin hij eveneens zijn afschuw uitsprak over de nieuwe staat (De vlag van Israël is niet de mijne).

Gedurende de eerste jaren van de nieuwe staat werden alle pogingen van buurlanden als Egypte om tot grensafspraken en normalisatie van de betrekkingen te komen, door de zionisten afgewezen. Keer op keer zorgden de Israëli’s voor provocaties in de grensstreken, om dan, als er aan eigen zijde slachtoffers vielen, met groot machtsvertoon een aanval in te zetten. Deze aanvallen waren meestal reeds gepland en het wachten was steeds op een goed excuus om ze uit te voeren (net zoals Israël ook nu nog de Palestijnen blijft provoceren tot er een antwoord komt, om vervolgens gewetenloos toe te slaan).

De “duif” wordt in stelling gebracht

Net als tegenwoordig was het gedrag van de zionisten erg doorzichtig en internationaal kwam er steeds meer kritiek. Dit werd zo erg dat David Ben-Goerion tijdelijk moest terugtreden als minister-president om plaats te maken voor Moshe Sharett. Sharett was onder ander hoofd van het Joods Agentschap geweest, de organisatie die als regering functioneerde tot de oprichting van de staat Israël (in 1929 opgericht door het Joods Wereldcongres). Maar Sharett had in zijn jeugd veel contact gehad met Arabieren en Turken en hij sprak Arabisch, vandaar wellicht dat hij diplomatie verkoos boven zinloos geweld. Zijn aanstelling gaf de zionisten even lucht, maar het was duidelijk dat Sharett niet de belangen diende van de harde lijn van Ben-Goerion en binnen twee jaar nam deze het stokje dan ook weer over. Ook tijdens zijn “retraite” bleek hij echter de touwtjes in handen te hebben gehouden. De tijdelijke keuze voor Sharett had dus niets met voortschrijdend inzicht of moreel besef te maken, het ging om het feit dat de jonge staat de economische en militaire steun uit het Westen niet kon missen.

De doos van Pandora

Je zou daarom kunnen denken dat Sharett nauwelijks een rol heeft gespeeld op het politieke toneel. Maar vele jaren later werd hij opeens de aanzet tot een heel andere kijk op de geschiedenis van Israël. Sharett overleed in 1965 en in 1978 publiceerde zijn zoon de dagboeken van zijn vader. Dit was zeer tegen de zin van de Israëlische binnenlandse veiligheidsdienst, maar ze konden de publicatie niet tegenhouden. Wel kwam er een beperkte, peperdure uitgave in het Hebreeuws, om de de schade nog iets te beperken. Nog steeds zijn er vele pagina’s niet gepubliceerd uit “veiligheidsoverwegingen”, maar er was toen al meer dan voldoende om vooral historici wakker te schudden.

Het dagboek van Sharett was niet geschreven met het oog op publicatie en dat maakte het juist tot zo’n betrouwbaar document. Zoals de journalist en historicus Tom Segev schreef:

Het dagboek van Sharett is een van de belangrijkste bronnen voor de geschiedenis van Israël. Het werd voor het eerst uitgegeven in 1978 – meer dan 1 miljoen woorden over staatsmanschap en persoonlijke frustraties, altijd in de vreselijke schaduw van David Ben-Goerion. De acht delen, onder redactie van Yaakov Sharett, de zoon van de auteur, werden met verbazing ontvangen en plaveiden de weg voor het werk van een groep die later bekend werd als de “nieuwe historici”.

De meeste aandacht ging uit naar openbaringen over de minister van Defensie Pinhas Lavon. Een man die zich kan meten met de meest weerzinwekkende figuren uit de geschiedenis. Niet alleen was hij verantwoordelijk voor de planning van grootscheepse aanslagen in Egypte (de Lavon-affaire), waarbij de schuld naar goed Israëlisch gebruik in de schoenen van Arabieren moest worden geschoven, hij wilde ook verschillende hoofdsteden in het Midden-Oosten bombarderen “om de zaak op te schudden“. Daarnaast wilde hij dodelijke bacteriën verspreiden langs de grens met Syrië en had hij genocidale plannen met de Gazastrook. Ten slotte wilde hij Jordanië met raketten beschieten om Oost-Jeruzalem in bezit te krijgen, waarbij de Egyptische consul vermoord moest worden en wilde hij een Brits consulaat aanvallen (weer een “valse vlag“) om Engeland tegen Jordanië op te zetten.

Let wel, dit was lang voordat Israël beschikte over kernwapens. Opnieuw een bewijs dat het land zich nooit zorgen heeft gemaakt over de eigen veiligheid. Lavons plannen waren vaak zelfs te gortig voor Ben-Goerion en de beruchte Moshe Dayan. En dat zegt wat.

Hoezeer de ontwikkelingen die we de afgelopen decennia hebben gezien lang van tevoren werden voorbereid blijkt wel uit het trieste lot van Libanon. En hier konden Ben-Goerion, Dayan en Lavon het prima vinden. Libanon moest worden vernietigd door er een kleine christelijke staat van te maken (30 jaar later zouden de christenen daar laten zien hoezeer ze verbonden waren met het zionistische regime toen ze onder bescherming van het Israëlische leger de bloedbaden in Sabra en Shatila aanrichtten). In 1954 schreef Sharett in zijn dagboek, naar aanleiding van een bijeenkomst van ministers:

Volgens hem [Moshe Dayan] hoeven we alleen een officier te vinden, zelfs een majoor is goed. We moeten zijn hart winnen of hem met geld omkopen, zodat hij zich wil opstellen als de redder van de [christelijke] Maronitische bevolking. Dan zal het Israëlische leger Libanon binnenvallen, het noodzakelijke gebied bezetten en er een christelijk regime installeren dat een bondgenoot is van Israël. Het hele gebied ten zuiden van [de rivier] de Litani zal worden geannexeerd door Israël en alles zal in orde zijn.

rokach terrorism

Een vertaalster als klokkenluider

Zolang alles binnenskamers blijft in Israël kan men er nog wel mee leven. Dat geeft per slot van rekening een schijn van democratie. Toen enkele jaren later de journaliste Livia Rokach een Engelse vertaling wilde uitgeven van een kleine selectie uit het werk van Sharett, raakte men in Israël weer in paniek. Acht delen in het Hebreeuws is iets anders dan een handzaam boekje in het Engels. Er werd achter de schermen veel druk uitgeoefend om deze uitgave te verbieden, ook door de zoon van Sharett zelf, maar uiteindelijk besloot men het niet tot een rechtszaak te laten komen, aangezien dat alleen maar publiciteit zou opleveren. Wel werden alle media in de Verenigde Staten waar de zionisten iets over te zeggen hadden ingelicht dat ze de publicatie volledig moesten negeren.

Hoe dan ook, onder de titel Israel’s Sacred Terrorism kwam het boekje uit. Met een voorwoord van Noam Chomsky. Het werd uitgegeven door de Association of Arab American University Graduates (AAUG) en het Institute for Palestine Studies besteedde er aandacht aan met een introductie door Michael Adams. In Chomsky’s visie is het niet verwonderlijk dat zo’n belangrijk document niet tot de basiskennis behoort van wie zich verdiept in deze problematiek. Om deel te kunnen nemen aan het publieke debat dient een aantal geloofsovertuigingen geaccepteerd te worden, anders word je verdrongen naar ergens in de marge van de media. Je moet accepteren dat de bedoeling van het zionisme/Israël goed is, dat Israël zich verdedigt en niet zelf de oorzaak is van agressie, anders “snap je niets van de complexiteit van de geschiedenis”, of ben je “naïef” of “onverantwoordelijk”.

Als regel wordt het geloof dat Israël zelf een belangrijk aandeel zou kunnen hebben gehad in het veroorzaken en laten voortduren van geweld en conflict alleen ver buiten de officiële kanalen geuit.

Schijn en werkelijkheid

Chomsky voelt zich verwant met de profeet Amos, omdat die zich geen profeet voelde, doch een eenvoudige herder die de waarheid wilde verkondigen. Ook al is de term profeet volgens de taalkundige misleidend:

Het woord “profeet” is een erg slechte vertaling van een obscuur Hebreeuws woord, “navi”. Niemand weet wat het betekent. Maar tegenwoordig zou men hen dissidente intellectuelen noemen.

Wij dienen ons te conformeren aan de “officiële geschiedenis” of de “politieke realiteit” op straffe van marginalisatie. Chomsky is in zijn lange leven van alle kanten aangevallen, inclusief door het “pro-Palestinakamp”. Maar hij is met zijn wetenschappelijke reputatie geen makkelijke prooi. We hebben de afgelopen jaren gezien hoe de zelfverklaarde ex-jood Gilad Atzmon, de Franse cabaretier Dieudonné of de journalist Max Blumenthal keer op keer op de korrel werden genomen door “links” en “rechts”. Je hoeft geen filosoof te zijn om te begrijpen dat de politieke realiteit iets heel anders is dan de werkelijkheid. Het kan via een geopolitieke analyse, via identity politics, via onderzoeksjournalistiek of via een provocerende lach. Elke methode heeft haar voor- en nadelen en spreekt een bepaalde doelgroep aan, maar de essentie blijft dat we het ons niet kunnen veroorloven te blijven geloven in een wereld die door de machthebbers bij elkaar gelogen wordt.

Livia Rokach heeft op haar manier de mensheid een dienst bewezen door belangrijke informatie toegankelijk te maken voor een groot publiek. Zij was de dochter van Israel Rokach, die tijdens de periode van Sharetts premierschap minister van Binnenlandse Zaken was en lid van de General Zionists. Livia Rokach overleed in 1984 in Italië. De officiële doodsoorzaak luidde zelfmoord.

Engelbert Luitsz

Livia Rokach, Israel’s Sacred Terrorism
Tom Segev, Up to no good
Institute for Palestine Studies, Israeli State Terrorism: An Analysis of the Sharett Diaries, Livia Rokach

9 comments for “Israëls heilige terrorisme

  1. richard kamp
    December 30, 2014 at 9:51 am

    Het verwonderlijke aan het joodse Israëlische gedrag is dat joden, tenminste zo lijkt het, niet door hebben dat zij de volgende ramp over joden aan het oproepen zijn.
    Op een regionale zender was kort geleden een reportage bij de Nederlandse opperrabbijn thuis, zijn vrouw was deeg aan het bereiden voor het joodse Chanuka feest.
    De opperrabbijn klaagde er over dat hij regelmatig werd ‘nagescholden’.
    Zijn vrouw merkte op ‘dat dat al duizenden jaren zo gaat’.
    Ik dacht toen ‘en jullie hebben er nog steeds niets van geleerd’.

  2. Bert
    December 30, 2014 at 12:16 pm

    Wil er ooit verandering komen in de Midden Oosten kwestie zal dat wat leidt tot een begin van een oplossing waarschijnlijk moeten komen uit de uitkomst van internationale gesprekken met meer objectieve derden. Alle pogingen zijn tot nu toe mislukt maar de aanhouder wint.
    Al dat individuele verzet van binnenuit leidt nergens toe, men is zozeer betrokken en de intentie zo overduidelijk aanwezig dat het de blik vertroebelt.

  3. Aleid Blink
    December 30, 2014 at 4:58 pm

    Bert, Het probleem is dat voor Israël niemand objectief is. Zelfs de VS niet. De politiek van deze staat is dat het gelijk aan die kant moet staan en verder niets. Alleen maar gesprekken met zo’n gesprekspartner zonder dat daar dwang achter zit, kunnen niet tot een oplossing leiden.
    Wie hebt u met dat ‘men’ voor ogen waarop slaat dat ‘elk individuele verzet van binnen uit’, waarbinnen vindt dat plaats en wiens blik wordt vertroebeld?

    • richard kamp
      December 31, 2014 at 9:40 am

      Het probleem lijkt mij dat het overgrote deel van de joden niet lijkt te begrijpen wat objectiviteit en fatsoen is, misschien ook niet wat waarheid is.
      In 1880 of zo schreef een rabbi uit Krakow een meerdelig werk over het jodendom.
      Volgens Houston Chamberlain staat daarin dat geweten voor joden geen rol speelt.
      Shahak schrijft soortgelijke dingen.
      Israel Shahak, ‘Jewish History, Jewish Religion, The Weight of Three Thousand Years’, 1994, 2002, London

      • Aleid Blink
        December 31, 2014 at 10:28 am

        Dit toeschrijven aan algemeenheden is mij te gemakkelijk. Als je de Nederlandse geschiedenis bekijkt, blijkt ook daar dat objectiviteit en fatsoen, oftewel beschaving, slechts een dun laagje is dat verdwijnt zodra de gemoederen door het een of ander verstoort worden, getuige de stijging in de peilingen die de woorden van bv. ene Wilders weten te veroorzaken.

        Wat dat geweten betreft gaat het er natuurlijk om welke betekenis men daaraan geeft. Wedden dat ook wij daar verschillend over denken?

      • December 31, 2014 at 11:58 am

        Het gaat er uiteindelijk om hoe mensen handelen op basis van seculiere of religieuze voorschriften. In de mythologieën van geïsoleerde stammen speelt het eigen volk ook vaak de rol van “centrum van de wereld” en is het woord voor “mens” hetzelfde als iemand van de stam.

        Maar ook het Calvinisme kent het concept van “onvoorwaardelijke predestinatie”, wat inhoudt dat God al besloten heeft wie “gered” zal worden, onafhankelijk van hoe je je gedraagt en je karaktereigenschappen.
        De Talmoed staat ook vol met voorbeelden die laten zien dat iemand die niet tot de stam behoort geen volwaardig mens is.

        De seculiere vorm van deze tweedeling van de mensheid vind je in het moderne nationalisme (van je favoriete voetbalclub tot de staat).

        Het zionisme vermengt beide stromingen, de seculiere en de religieuze en is zeer nadrukkelijk aanwezig in de media, waardoor het in de beeldvorming iets typisch joods lijkt, maar het is naar mijn mening een algemeen kenmerk van de mens als sociaal dier. (Wat als de SGP bijv. een absolute meerderheid zou krijgen?)
        In een ideale situatie zou democratie ervoor moeten zorgen dat uitwassen in toom gehouden worden en dat is niet gebeurd in Israël, integendeel.

        • Egbert Talens, Zutphen
          December 31, 2014 at 3:53 pm

          In samenhang met ‘Israëls heilige terrorisme’, brengt E.L. een interessant thema naar voren: hoe regelt de mens de controle over de samenleving, zowel de éigen, interne, als de externe: de wereld om zich heen. Daar wil ik wel het een en ander over opmerken.

          Eerst dit: mijn handen jeukten na kennisname van ´Israëls heilige terrorisme’. Bijvoorbeeld om mijn instemming te betuigen met EL’s selectie van bronnen die betrekking hebben op de vaak niet zo fraaie — wat een persoonlijke evaluatie is, dan wel een mening — politieke activiteiten van (ook) Israel. Nu, na 6 reacties ter zake, wil ik toch graag meedoen aan dit brainstormen. [ Terloops zij opgemerkt dat reactie 2 geen enkele waarde toevoegt. Geen wonder ook dat Bert niet eens ingaat op vragen aan zijn adres.]

          Nu verder: twee uitgangspunten: a) wij kunnen m.b.t. vooral politieke zaken (de) waarheid niet kennen; er hoeft maar dít te mankeren aan een uitleg, of de kwestie ligt (íets, en soms gehéél) anders. Dus hanteer ik het begrip ‘feitelijke werkelijkheid’ (in navolging van polemoloog Leon Wecke) omdat je op die manier je nog wel iets kunt voorstellen bij wat er speelt/speelde. Op andere gebieden — mat(h)esis, wetenschap e.d. — ligt dit minder zwaarwegend: als nieuwe gegevens een andere beoordeling vergen, gaat men daartoe over. [Bv: de aarde draait (nu) om de zon... ] b) Het begrip religie(s) hanteer ik volstrekt anders dan algemeen gangbaar. Ik erken wel godsdienst(en), maar niet als religie(s). ‘Religie’ — géén meervoud! — staat voor mij gelijk aan ethiek c.q. moraal, en dus valt ‘religieus’ voor mij onder het begrip ethisch ofwel moreel.

          Ja, het gaat erom hoe mensen handelen op basis van seculiere of godsdienstige voorschriften. Daarbij is de mens uitgangspunt. De godsdienstige voorschriften liggen vast: dogma. Wordt ervan afgeweken (kerkscheuring) komt een nieuw dogma ervoor in de plaats. Alleen als dit níet gebeurt, spreken wij van seculier en krijgt (mijn) religie een iets grotere kans. Hmm…

          Ik maak onderscheid tussen Zionisme en politiek zionisme. De eerste, Zionisme, valt (nmbm) onder een religieus besef, waarmee ruimte ontstaat voor de ander. Het politieke zionisme — géén hoofdletter! — maakt resoluut misbruik van de godsdienstige insteek van Joden, om zodoende politieke armslag te krijgen voor hun program(ma). Zoals destijds de Hasmoneeën bedreven, tegenover de Griekse en Romeinse bezetter. [ Als Jezus zich daartegen keerde, vanuit een scheiding-van-kerk-en-staat opvatting (Mattheus 22:21; Marcus 12:17; Lucas 20:25) zóuden SGP- en CU-politici hun steun voor dít Israel, voor déze Joodse staat -- het p-zp -- als chrísten nog eens kunnen overwegen. Tja... ]

          • Aleid Blink
            December 31, 2014 at 7:46 pm

            Nu slechts een opmerking. Als je joden niet als een etnische eenheid, d.w.z. in onze terminologie als een volk ziet, waarom dan toch dit etiket met een hoofdletter geschreven? Ik ga er vanuit dat het de benaming is van mensen die een bepaalde godsdienst aanhangen en uit dit door joden consequent met een kleine letter te schrijven.

            Het schijnt/blijkt – ik heb het gehoord maar wil daarom in het midden laten of dit werkelijk zo is – dat deze verschillende identiteiten, godsdienst of seculier, ook onder joden gevoerd wordt. Duidelijk is dat het zionistische standpunt is dat het om een volk gaat en er alles aan wordt gedaan om dit van “vreemde smetten vrij” te houden. M.i. zonder meer een weerzinwekkend principe. Deze woorden komen natuurlijk uit het lied dat wij zelfs na WO II nog op school leerden en argeloos zongen. Ze zijn de reden waarom Shlomo Sand zijn boekje How I stopped being a Jew heeft geschreven.

  4. Aleid Blink
    January 7, 2015 at 2:18 pm

    Iver terreur gesproken, dit bericht bereikte me zo net, afkomstig van het Christian Peacemaker Team uit Al Khalil (Hebron), met foto’s over een week lang Israëlische bezetting.
    Zie:

    http://us6.campaign-archive2.com/?u=cf2b03c2e5&id=9546a5de99&e=dbcc332881)
    en

    http://cpt.us6.list-manage.com/track/click?u=cf2b03c2e5&id=06a181a4fc&e=dbcc332881

Comments are closed.