Op zoek naar het paradijs

Some natural tears they dropped, but wiped them soon;
John Milton, Paradise Lost

paradise_lost

De zon scheen. De hemel was onbewolkt. Tijd om er eens uit te gaan, dacht ik. Het was niet voldoende om op de fiets naar de psycholoog te gaan om te horen dat je wat vaker naar buiten moet. Er moest meer gebeuren, maar ik had een doel nodig. Erg belangrijk.

Van Tineke Bennema was net een boek uitgekomen bij de jonge uitgeverij Jurgen Maas, die van plan is veel literatuur over en uit het Midden-Oosten uit te brengen. Over Welkom in het paradijs had ik al goede berichten gelezen.  Volgens de uitgever bevat het “lichtvoetige en absurdistische verhalen” over Palestijnen. Ik kon ook wel wat afwisseling gebruiken na de stroom ellende die me de afgelopen dagen vanuit de Westelijke Jordaanoever, de Gazastrook en het vluchtelingenkamp Yarmouk in Syrië had bereikt.

Het leek me een nuttige onderneming om helemaal naar het centrum te gaan, naar de enige grote  boekhandel die deze stad rijk is. Met de bus naar het station en dan vijf minuten lopen. Dat was nog wel te doen. Langs een paar merkwaardige ronde vormen die bescherming boden aan fietsen en de koopwaar van middenstanders liep ik naar de boekwinkel. Het was er erg rustig. Beneden, waar je ook koffie kunt drinken, bevinden zich de categorieën waar ik me het meest voor interesseer: kunst, wetenschap, filosofie en geschiedenis.

Na een korte wandeling langs de rekken zocht ik de aandacht van een juffrouw achter een computer. De naam Bennema zei haar niets en toen ik haar vertelde dat het boek net verschenen was schudde ze meewarig het hoofd. De zaak stond onder curatele en er kwamen op dit moment geen nieuwe boeken meer binnen. Misschien konden ze zelfstandig verder, maar dat zou pas volgende week duidelijk worden. Er zat dus niets anders op dan nog eens rond te kijken. Ik was niet van plan zonder boek te vertrekken, want dan zouden de naweeën van de vruchteloze tocht me nog lang blijven achtervolgen.

Dus nog maar eens een rondje langs de uitgestalde titels op de tafels. Het meest opvallende boek was deel 1 van Simon Schama’s relaas over de joodse historie, ‘De geschiedenis van de Joden 1 – 1000 v. Chr. tot 1492‘. Dat lag overal, zowel op verschillende plekken in de kasten als op een tafel. Het is een flinke pil en dan nog pas deel 1. Misschien later. Te dikke boeken maken me al snel nerveus, daarvoor heb ik te weinig vertrouwen in de toekomst, denk ik.

Toen zag ik de roman ‘In de ban van de tegenstander‘ van Hans Keilson liggen, een boek waar ik al vaak aan had gedacht. Van Keilson kende ik ‘Daar staat mijn huis‘ en een aantal essays, die me erg hadden aangesproken. In 1979 had hij als psychiater een belangrijke studie gepubliceerd over de impact van gevangenschap en onderduiking op joodse weeskinderen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij keek hoe ze er – gemiddeld – 25 jaar later aan toe waren. Daar kwam het concept sequentiële traumatisering uit. Simpel gezegd de opeenvolging van verschillende moeilijke situaties. Kinderen die op jonge leeftijd al een aantal trauma’s oplopen door bijvoorbeeld uitsluiting, gevangenschap, of het ervaren van extreem geweld, hebben later vaak ook problemen om zich aan te passen aan een nieuwe, betere wereld.

In mijn nopjes met mijn aankoop liep ik de stad weer in, richting huis. Als ik onderweg ergens wat ga eten kan ik het hele stuk wel lopen, dacht ik. Net voor de tunnel die het centrum scheidt van de wijk waarin mijn woning zich moest bevinden vond ik het grand café Place du Nord. Er waren slechts enkele mensen binnen, dus dit leek me een goede plek voor koffie en een broodje.

Ik ging zitten en haalde mijn aankoop uit de plastic tas. Even later kwam een gedrongen man met een wit schort vragen wat ik wilde. Waarschijnlijk de kok, nu even alleen omdat het zo rustig was. Althans hij kwam naast me staan, zonder iets te zeggen. Toen ik besteld had gromde hij iets wat ik niet kon verstaan. Ik begon wat te lezen en zag hoe er meer klanten binnenkwamen. Een van hen was kennelijk een bekende van de kok, want ze begonnen te praten. Toen hoorde ik pas dat de man Duits sprak. Zijn Nederlands was misschien te beperkt om mij normaal aan te spreken en hij durfde het kennelijk niet aan om het in vloeiend Duits te doen.

Even later kwam hij mij mijn koffie en een stokbroodje chevre (zonder accent) brengen. Weer zei hij niets. Pas toen hij weg was realiseerde ik me dat het boek van Keilson op tafel lag, met op de voorkant een foto van een groepje jongeren met grote vlaggen. Het was in Berlijn, met op de achtergrond de Brandenburger Tor. Zou de kok zich gestoord hebben aan de foto van de Hitlerjugend? Was hij daarom zo nors? Ik moest opeens denken aan hoe vorig jaar de kok van Auschwitz was opgepakt, 93 jaar oud.

De gedachte liet me niet meer los, terwijl ik me de warme geitenkaas goed liet smaken. Hoe lang zou men nog blijven rondlopen met associaties aan gebeurtenissen uit een ver verleden? De ik-persoon van ‘In de ban van de tegenstander‘ denkt zo met heel zijn lijf aan de dood, dat zelfs als zijn hoofd zou worden afgehakt, een ander deel van zijn lichaam die gedachte nog feilloos ten einde zou denken en afronden.

Ik wist het niet meer. Toen ik afrekende hoopte ik ergens op een verzoenende blik, een oogopslag was voldoende geweest. Maar hij gaf me het wisselgeld, draaide zich om en zei niets. Ik besloot hem geen fooi te geven.

Eerst moest ik de tunnel door en daarna een stukje vrij steil omhoog. Toen was het weer zonnig. Het paradijs had ik niet gevonden. De stad was mijn tegenstander, mijn Widersacher, en die had ik nu weer achter me gelaten.

Engelbert Luitsz

1 comment for “Op zoek naar het paradijs

  1. Aleid Blink
    March 6, 2014 at 5:58 pm

    Misschien wacht deze kok ook op een verzoenende blik. Een herkenbare maar ook moeilijk inschatbare situatie. Het blijkt voor veel mensen moeilijk niet in de ban van een tegenstander te raken en te blijven. Het lijkt soms of ze liever in wrok blijven hangen en niet beseffen dat zij daarmee in allereerste plaats zichzelf kwaad doen. De zo waardevolle uitspraak dat je je vijand moet liefhebben als jezelf, wordt vaak slecht begrepen.

    Ik ken Tineke Bennema vrij goed, maar had nog niet over dit boek gehoord. Ik zie er naar uit!

Comments are closed.