Koos van Dam, roepende in de woestijn

Het kan je geen reet schelen! Het interesseert je geen moer, je weet helemaal niets van de Palestijnse families! Je weet niet eens dat ze bestaan! Geef me de naam van één van de zeven leden van dezelfde familie die op het strand van de Gazastrook werden afgeslacht door een Israëlisch oorlogsschip. Je kent hun namen niet eens! Maar je kent de naam van elke Israëlische soldaat die gevangen is genomen tijdens dit conflict. Omdat jij gelooft, of je het beseft of niet, dat Israëlisch bloed meer waard is dan het bloed van Libanezen of Palestijnen.
George Galloway tijdens een interview op Sky News

De VVD zit in de greep van de pro-Israël lobby.
Koos van Dam

palestina_stoel

Het uitgebreide interview met oud-ambassadeur Koos van Dam dat Vrij Nederland afgelopen maandag publiceerde zegt misschien meer over mensen als Harry van Bommel of Frans Timmermans dan over Israël: “Omdat hij sinds 2010 met pen­sioen is, kan de oud-diplomaat nu vrijuit spreken.” We weten het van mensen als Dries van Agt en Jimmy Carter, maar toch blijft het voor iemand die zich bezighoudt met de situatie in Palestina moeilijk te verteren dat men pas na zijn pensioen zijn mond open durft te doen over een schurkenstaat die de internationale gemeenschap al jaren in z’n greep houdt. Het Britse parlementslid George Galloway bijvoorbeeld gaat juist erg ver in het uitdragen van zijn mening, maar Van Bommel bij ons komt keer op keer over als een nogal bangelijke ambtenaar die zich vastklampt aan een paar juridische details. Van Bommels optreden in 2009 bij Pauw & Witteman tegenover Bram Moszkowicz was ronduit beschamend. Weer lukte het dat even ijdele als eeuwige slachtoffer van een advocaat om het niet te hebben over de gruwelijke slachtpartij die Israël net had aangericht in Gaza, doch over een paar kwajongens tijdens een demonstratie. En Van Bommel boog het hoofd en zei dat hij het zo niet bedoeld had. Treurig. Wat had ik Galloway daar graag gezien op dat moment.

In eerste instantie was ik ook blij verrast toen er op 22 juli bij Knevel & Van den Brink iemand was aangeschoven die nu eens niet overal omheen draaide. Het ging echter maar om een relatief onbeduidende zaak, namelijk het labelen van producten uit de bezette gebieden door supermarkten. De zionistenlobby maakte hier een enorm punt van, net zoals ze zo vaak doen over zaken die nauwelijks iets voorstellen. Een tijdje geleden werd ook het hilarische ‘Man bijt hond’ aangepakt vanwege een stukje satire over boze joden. Een man die zijn woede op het Belgische Joods Actueel mocht verwoorden schreef: “Ik heb geen problemen met uitingen van humor, sarcasme, satire en bijtende spot.” Alleen als het over joden gaat natuurlijk. Het heeft mij ook enige tijd gekost om te begrijpen wat hier achter zit. Uiteindelijk denk ik dat het heel simpel is: als je je maar enorm druk maakt over onbenulligheden, dan hebben we het al niet meer over zaken die er echt toe doen. Een debatteertechniek, meer niet. Het kan die lui eigenlijk helemaal niets schelen, maar ze kunnen er hun voordeel mee doen in hun propaganda.

Dat pathologische leugenaars als Esther Voet van het CIDI en Bram Moszkowicz op televisie en de daarnaast ook nog eens laffe – want anonieme – commentatoren van Likoed Nederland en hun aanhang op internet, zoveel speelruimte in Nederland krijgen is erg jammer. Het CIDI is een extreem-rechts, racistisch lobbyclubje, verwant aan de ideologie van Wilders en Breivik, dat geen enkele fatsoenlijke jood vertegenwoordigt, niet in Nederland, niet in Israël en niet in de wereld. Het “evenwicht” dat wordt gesuggereerd door onze media door altijd maar dit soort malloten uit te nodigen is helemaal geen evenwicht. Er is meer dan genoeg onenigheid onderling bij mensen die op z’n minst de realiteit onder ogen durven te zien. Wanneer er een slachtoffer van zware mishandeling wordt uitgenodigd, is het ook niet gebruikelijk om de dader ook uit te nodigen, zodat de kijkers een “meer genuanceerd beeld” zouden krijgen. Alleen al met de opties 1 staat, 2 staten, of geen staat kun je een boeiende avond verzorgen met meningen die haaks op elkaar staan, maar dan zonder cidiologen en likoedniks om het debat te verzieken.

Koos van Dam heeft net als zovelen die de regio kennen en de situatie al decennia volgen, geen goed woord over voor Israël. Hij haalt een bekende uitspraak van de politicoloog Norman Finkelstein aan die zei: “Waarom zouden deze Palestijnen, die al honderden jaren Jeruzalem hebben bewoond, uit hun huizen gezet moeten worden om plaats te maken voor joden uit Brooklyn?” Finkelstein is zelf in Brooklyn geboren en heeft aan den lijve ondervonden dat ook joden niet veilig zijn voor de zionistenlobby: hij verloor zijn baan aan een universiteit na een lastercampagne.

Van Dam heeft door zijn jarenlange contacten met de Nederlandse politiek uiteraard ook een goed beeld gekregen van de manier waarop wij hier met “het conflict” omgaan.

Op het ministerie van Buitenlandse Zaken belandde de jonge arabist Van Dam in de jaren zeventig in een uitgesproken pro-Israël-omgeving waar maar weinig kennis was van de Arabische wereld. ‘Onder PvdA’er Max van der Stoel mocht je niets doen wat Israël kon schaden. Als we Ka­mer­vragen beantwoordden, mochten we de term “Pa­les­tijns thuisland” niet eens gebruiken.’ Bij latere ministers als Van den Broek, Van der Klaauw en Van Mierlo was er meer begrip voor de positie van de Pa­les­tij­nen, maar het bleef moeilijk manoeuvreren voor Van Dam en zijn collega’s.

Wat in de jaren zeventig gold, geldt nu in dezelfde mate: een groot gebrek aan kennis van de Arabische wereld, gekoppeld aan een kritiekloze waardering voor Israël. De laffe reacties van mensen als Maxime Verhagen, Jan Peter Balkende en Uri Rosenthal als het om Israël ging zijn genoegzaam bekend bij eenieder die wel eens tv keek tijdens hun gloriejaren. Ook de clichés die Van Dam aan de kaak stelde in het boek ‘De vrede die niet kwam‘ uit 1998 zijn nog steeds actueel. Zowel de historische verdrijving van de Palestijnen uit hun eigen land als de huidige mate waarin ze lijden onder de bezetting wordt gebagatelliseerd. In Israël is in 2011 de Nakba-wet aangenomen die “beoogt Israëlische instanties en organisaties die financieel ondersteund worden door de overheid of overheidssubsidies ontvangen, zoals lokale overheden en universiteiten, te straffen door het opleggen van een grote geldboete indien zij een ‘herdenking’ van de Nakba mogelijk maken.” Een land dus waar het ontkennen van de holocaust en het gedenken van de Palestijnse catastrofe allebei strafbaar zijn.

Van Dam vindt terecht dat het associatieverdrag tussen de Europese Unie en Israël moet worden heroverwogen. Het is te gek voor woorden dat een schurkenstaat beloond wordt voor onderdrukking en misdaden tegen de menselijkheid. Bij elk ander land met eenzelfde staat van dienst zou het waarschijnlijk wel lukken, maar in het geval van Israël heeft Van Dam er een hard hoofd in.

Het enige punt waar ik het niet mee eens kan zijn is wanneer Van Dam zegt dat we nog negen maanden moeten wachten om de “vredesonderhandelingen” een kans te geven. Die cynische klucht is al om zeep geholpen door het plannen van duizenden extra woningen en het doelbewust vermoorden van Palestijnen in de afgelopen week. Tzipi Livni is al op de vingers getikt door Netanyahu omdat ze te ver was gegaan: ze had minimale en zeer vage toezeggingen gedaan, maar dat was natuurlijk niet de afspraak!

Israël is niet geïnteresseerd in vrede of veiligheid, het enige doel is expansie.

Engelbert Luitsz

 

5 comments for “Koos van Dam, roepende in de woestijn

  1. Arjan Fernhout
    September 5, 2013 at 10:04 am

    Hier nog wat interessant materiaal en waar ik Frits Bolkestein van repliek dien. Die behoort ook tot het clubje waar Koos van Dam tegen vecht. En de Volkskrant staat onder curatele van dit clubje:

    Bolkestein: ‘De EU moet zich niet afkeren van Israël’

    http://xevolutie.blogspot.nl/2012/01/187-commentaar-op-het-pro-israel.html

  2. joost tibosch sr
    September 5, 2013 at 1:36 pm

    Op een site in Trouw over Rosj Hasjana werd vernoemd dat joden op hun Nieuwjaar dagenlang nadenken over wat ze verkeerd doen. Ik vroeg in een reactie of ze ook nadachten over de “bezette gebieden” en de “nederzettingen”. Kreeg van Likoed en van anderen de volle persoonlijke laag over me heen. Ik antwoordde dat ik zelfs zonder na te denken me verbaasde over mensen die zomaar hun huis op andermans grond zetten en nog wel -een chotspe- alsof dat de gewoonste zaak van de wereld is. Het gebruikelijke antwoord was, dat ik me eerst maar eens goed op de hoogte moest stellen voor ik dit soort lastertaal uitte.
    PS Het bericht dat de nieuwe premier van Iran de joden, met name de joden in Iran, een goed joods nieuwjaar wenst, houdt me bezig..

Comments are closed.