Bandar bin Sultan, de spin in het web?

Bandar bin Sultan (voluit: Prins Bandar bin Sultan bin Abdul Aziz Al-Saoed) is een politicus uit Saoedi-Arabië en hoofd van de Saoedische veiligheidsdienst. Vanwege zijn goede contacten met de familie Bush wordt hij ook wel Bandar Bush genoemd en recentelijk noemde een blogger hem in een zeer interessant artikel Bandar bin Israel. Maar daarover straks meer. Hij is puissant rijk en machtig en heeft goede banden met de veiligheidsdiensten van allerlei landen, inclusief de CIA. In zijn loopbaan van 22 jaar als ambassadeur in Washington heeft hij goede contacten gelegd met zowel het Amerikaanse als het Israëlische politieke en militaire establishment.

De meest recente en tot nu toe ook meest aannemelijke verklaring voor de “gifgasaanval” in Ghouta is dat de “rebellen” chemische wapens hadden gekregen van Bandar bin Sultan. De mannen hadden echter geen enkele ervaring met deze wapens en ze zijn per ongeluk tot ontploffing gebracht. Een van de strijders zei zelfs dat ze helemaal niet wisten dat het chemische wapens waren. Met als gevolg uiteindelijk honderden doden. Dit komt ook overeen met wat Arnold Karskens al snel na de vermeende aanval bij Kneven & Van den Brink zei, namelijk dat er geen beelden van overdag waren, wat heel vreemd is natuurlijk, je zou denken dat er de volgende dag juist enorm veel informatie naar buiten zou komen. Daarnaast – en dat neem ik meteen aan – zegt Karskens dat een serieuze aanval met gifgas voorafgegaan wordt door conventionele bommen om ruiten te doen sneuvelen en gaten te slaan, zodat het gas later effectiever z’n werk kan doen. Ook daarvan was niets te zien. Artsen Zonder Grenzen houdt het op 350 doden, veel minder dan de meer dan 1000 waar Kerry en Obama mee schermen om hun aanval c.q. strafexpeditie te rechtvaardigen.

Het verhaal kwam naar buiten via MintPress News, een onafhankelijke nieuwssite. De zeer ervaren journalist Dale Gavlak was betrokken bij het schrijven en de research, in samenwerking met de journalist Yahya, die ter plekke aanwezig was en sprak met artsen, rebellen, hun familie, slachtoffers van de chemische wapens en de lokale bevolking.

Van de ondervraagde rebellen gaven een dozijn aan dat ze hun salaris ontvingen uit Saoedi-Arabië. Bandar bin Sultan wordt op handen gedragen door al-Qaidastrijders in Syrië. Naar buiten toe doet Saoedi-Arabië of het de gematigde rebellen steunt, maar in werkelijkheid zijn het juist de extremisten. Binnen Syrië vecht Saoedi-Arabië een strijd uit met Qatar, dat weer andere groepen steunt.

Bandar en Poetin

Om een idee te geven van de macht van deze man is één voorbeeld voldoende. Bandar wilde Poetin, die zoals bekend Assad steunt, omkopen met goedkope olie. Als Poetin zijn steun aan Assad zou laten vallen, zou Bandar garanderen dat de Russische marinebasis in Syrië ongedeerd zou blijven. Mocht Poetin zich niet willen laten omkopen dan dreigde Bandar met terroristische aanslagen tijdens de Olympische Winterspelen in Sotsji, uitgevoerd door  Tsjetsjeense rebellen. Poetin is hier niet op ingegaan, maar het moge duidelijk zijn dat we met een gewetenloze schurk te maken hebben. 

De enigen die zouden kunnen profiteren van deze gruweldaad zijn de rebellen. Aangezien de troepen van Assad overwinning op overwinning boeken is het in het belang van de rebellen om een interventie van westerse landen uit te lokken. En dat lijkt vooralsnog te gaan lukken.

Saoedi-Arabië

De moeder van koning Abdoellah van Saoedi-Arabië en twee van zijn vrouwen komen uit een invloedrijke, ultra-conservatieve soennitische clan in Syrië. Dat onderstreept de angst van veel analisten dat een overwinning van de rebellen zal uitdraaien op de overheersing van de talloze minderheden in Syrië door conservatieve soennieten. Deze grote vriend van de Verenigde Staten leidt nu een land waar dagelijks de mensenrechten worden geschonden en waar vrouwenrechten zo goed als afwezig zijn. De grote doorbraak van het Saoedisch feminisme kwam pas dit jaar: vanaf 2013 mogen vrouwen daar fietsen,  zolang ze maar zijn vergezeld door een mannelijk familielid en ‘volledig eerbaar gekleed’ zijn. Ze zijn op de goede weg, zullen we maar zeggen.

Sinds 2008, toen president George W. Bush, waarschijnlijk op zoek naar Oostenrijk, in Saoedi-Arabië terecht kwam, kan de relatie tussen het koninkrijk en de Verenigde Staten niet meer stuk. Officieel zijn de Amerikaanse troepen vanaf 2003 vertrokken, maar er blijven militaire bases aanwezig onder de eufemistische benaming trainingsfaciliteiten (USMTM). Eerder dit jaar bleek dat de Amerikanen al jaren een geheime vliegbasis voor drones hebben in Saoedi-Arabië. En in april van dit jaar bevestigde de Amerikaanse minister van Defensie Chuck Hagel dat er een overeenkomst voor wapenleveranties was getekend met Israël, Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten voor maar liefst 10 miljard dollar. De Amerikanen moeten een reusachtige glazen bol hebben. Hoe konden ze anders voorzien dat het zo uit de hand zou lopen in Syrië?

De criminele achtergrond van ‘Bandar Bush’ gaat minstens terug tot de jaren tachtig van de vorige eeuw, toen hij het hulpje was van de CIA om Ronald Reagans “vrijheidsstrijders” in Afghanistan te bewapenen (de moedjahedien).

Het ziet er dus niet goed uit voor de Syrische bevolking. Een uitstekende analyse van slechts enkele dagen geleden van Pepe Escobar in de Asia Times is alweer verouderd op belangrijke punten (nu weten we bijvoorbeeld dat Engeland chemicaliën voor zenuwgas aan Syrië heeft verkocht en wel 10 maanden na het uitbreken van de opstand). Maar dit blijft zeker staan:

Het is zeker dat Syrië geen ‘piece of cake’ is zoals Libië; zelfs toen hij op alle fronten verslagen werd hield Khadaffi het nog acht lange maanden vol vanaf het moment dat de NAVO begon met hun humanitaire bombardementen. Syrië heeft een weliswaar vermoeid, maar toch sterk leger van ongeveer 200.000 man; ze hebben enorme hoeveelheden Russische en Sovjetwapens; uitstekend luchtafweergeschut en de volledige steun van de experts in asymmetrische oorlogsvoering Iran en Hezbollah.

‘Bandar ibn Israel’

Ik geniet altijd van de stukken van Sharmine Narwani. Zij schrijft heldere en grondige stukken voor al Akhbar en soms voor de Huffington Post over allerlei zaken die betrekking hebben op het Midden-Oosten. In Bandar ibn Israel onderzoekt ze wat de grootste gemene deler is van de Syrische onrust van de afgelopen jaren en de reactie van omliggende landen en het Westen daarop.

De ontwikkelingen in de 20e eeuw die hebben geleid tot een sterker zelfbewustzijn van landen in het Midden-Oosten zijn niet voor iedereen even gunstig. De macht van de Verenigde Staten is nog steeds superieur, maar is wel aan het tanen. Daarentegen is een grootmacht als China steeds nadrukkelijker aanwezig. Israël kan in z’n eentje niet het hele Midden-Oosten in bedwang houden (wel vernietigen, maar dat is een ander verhaal) en dus moeten de Verenigde Staten – zeker gezien de ontwikkelingen van de afgelopen jaren – afwegingen maken waarbij olie en dominantie een grote rol blijven spelen. Er moeten dus “correcties” worden uitgevoerd om dat wat is scheefgetrokken door de ‘Arabische Lente’ weer recht te breien.

En geen partijen zijn momenteel meer geïnteresseerd in het ‘corrigeren’ van het regionale machtsevenwicht dan het koninkrijk Saoedi-Arabië en Israël – beide staten raken steeds meer gefrustreerd door de apathische houding van hun westerse bondgenoten en de incrementele winst van hun rivalen Iran, Syrië, Hezbollah en tegenwoordig Irak.

Nadat Bandar bij eerdere pogingen om zich te bemoeien met de gang van zaken in Syrië was teruggefloten door de koning, kreeg hij na het begin van de Arabische opstanden opeens toch groen licht. Het Saoedisch koningshuis zag een mogelijk ‘verlies’ van Syrië aan de opstandelingen als een ramp. Toen waren de opstandelingen nog gewoon het Syrische volk die in opstand kwamen tegen de dictatuur van Assad, de door de VS/Israël getrainde en bewapende jihadisten kwamen pas later.
In 2012 werd Bandar dan ook benoemd tot hoofd van de beruchte Saoedische veiligheidsdienst Al Mukhabarat Al A’amah met z’n “myriaden connecties met de onderwereld van de globale jihad”.

Aangezien de Amerikanen na Afghanistan en Irak wat minder nadrukkelijk aanwezig wilden zijn, moesten de Saoedi’s op zoek naar een nieuwe partner, eentje die niet zo kinderachtig was. Die partner moest Israël zijn. Wikileaks onthulde in 2007 dat volgens de Amerikaanse ambassade “Bandar Iran nu als een groter gevaar ziet dan Israël”. Het waren Saoedische diplomaten die begonnen westerse landen te bewerken met beweringen dat president Assad een “rode lijn” had overschreden. De enige belangrijke speler die bleef tegenwerken was Poetin, maar, zoals boven vermeld, het lukte Bandar niet hem voor zijn karretje te spannen.
En het was Saoedi-Arabië dat het beruchte Al Farouq Battalion in Syrië steunde. De commandant die een gedode soldaat opensneed en een hap uit diens hart nam, was lid van deze exclusieve club.

Israël voert geheime missies in Libanon uit. Als leden van een groep die gelieerd is aan al-Qaida vier raketten op Israël afschieten, neemt Israël geen wraak op hen, doch op de PFLP (Popular Front for the Liberation of Palestine).

Het lijkt er op dat Israël net als de Saoedi’s een boodschap heeft voor Libanon: Hezbollah moet verdwijnen uit Syrië, anders zal Libanon de gevolgen dragen.

Narwani ziet Bandar als iemand die zich door niets en niemand zal laten stoppen om zijn doel te bereiken. En met een handlanger als Israël is dat doel misschien wel dichterbij dan we denken.

De escalatie van het geweld in de regio – van Libanon tot Irak – is momenteel voor een belangrijk deel een Bandar-Israël-project. En de plotselinge escalatie van militaire dreigementen uit Washington aan het adres van Assad is zonder twijfel het gevolg van pressies en beloningen waarmee dat duo zwaait.

Indien belangrijke media het aandurven het verhaal van MintPress Nieuws (zie ook onderstaande video van infowars.com) de aandacht te geven die het verdient is het misschien nog mogelijk het tij te keren. Althans wat de Verenigde Staten betreft. Of Israël, gesteund door een generaal in Egypte en een koning in Saoedi-Arabië, overmoedig genoeg zal zijn om zelf het voortouw te nemen, blijft op dit moment gissen. Dat alle doden die al gevallen zijn in Syrië en die nog zullen vallen slechts een bruggetje vormen om tot Iran te geraken, geeft meer dan al het andere aan hoe de internationale politiek functioneert. Ik wilde zeggen onmenselijk, maar dat is het juist niet, dat is het ergste.

Engelbert Luitsz

Over de minder spontane aspecten van de Arabische Lente:
Willy Van Damme, Syrië–De niet zo spontane spontane opstand

Eric Draitser, Debunking Obama’s Chemical Weapons Case Against the Syrian Government

Interview met Sharmine Narwani (alleen audio)

added 7-9-2013 Global Research, Saudi Arabia’s “Chemical Bandar” behind the Chemical Attacks in Syria?